7.1 Peuteropvang - Inkomsten en uitgaven

Decentralisatie-uitkering voorschoolse voorzieningen (peuteropvang)

De decentralisatie-uitkering voorschoolse voorzieningen peuters wordt tot en met 2021 conform onderstaand schema uitgekeerd aan de gemeente. Op basis van een tussenevaluatie in 2019 bestaat de mogelijkheid van een bijstelling van de bestuursafspraken. In 2021 vindt de eindevaluatie plaats. Dan wordt getoetst of het gemeentelijk aanbod ertoe heeft geleid dat (nagenoeg) alle peuters naar een voorschoolse voorziening gaan. Als de doelstelling niet wordt gehaald kan dit leiden tot herbezinning van het instrument.

 

 

De decentralisatie-uitkering voorschoolse voorzieningen wordt ingezet voor de uitvoeringsregeling peuteropvang oftewel de peuteropvangtoeslag. De gelden die de Rijksoverheid voor peuteropvang beschikbaar heeft gesteld, zullen hiervoor ingezet worden en zijn tevens het subsidieplafond van de regeling. De uren van de uitvoerende ambtenaar worden ook van dit budget betaald. Er geldt geen terugbetalingsverplichting als de uitkering voor een ander doel is ingezet of niet volledig is opgebruikt.

2018

2019

2020

2021

Decentralisatie-uitkering

€ 54.795

€ 54.795

€ 54.795

€ 54.795

Subsidieplafond

€ 54.795

€ 54.795

€ 54.795

€ 54.795